In deze publicaties wordt door onze arbeidsadvocaat, ingegaan op diverse onderdelen van het het arbeidsrecht. In duidelijke taal leggen we ontwikkelingen in het arbeidsrecht uit en gaan we in op concrete problemen die cliënten van ons advocatenkantoor tegenkomen. Wij gaan onder meer in op individueel ontslag, collectief ontslag, en ontslagvergunningen van het UWV.

Wij staan bedrijven, particulieren en organisaties bij bij arbeidsgeschillen en vinden het daarnaast leuk om te schrijven over het arbeidsrecht.

Onze cliënten zeggen dat wij verschillen van andere advocatenkantoren door een praktische insteek, een persoonlijke benadering en door onze tarieven.

Opvolgend werkgeverschap, wat zijn de gevolgen?

,

OPVOLGEND WERKGEVERSCHAP EN DE KETENREGELING

Stel u heeft een uitzendkracht die 6 maanden in dienst is bij een uitzendbureau al waar u de diensten afneemt. Vervolgens treedt de uitzendkracht in dienst bij uw bedrijf om vervolgens dezelfde werkzaamheden te blijven doen. Gevolg is dat u in dat geval beschouwd wordt als opvolgend werkgever. Dit kan grote gevolgen hebben, dus opgepast!

WAT ZEGT DE WET OVER OPVOLGEND WERKGEVERSCHAP

In de wet (art. 6:668a BW ) wordt opvolgend werkgeverschap gedefinieerd als er sprake is van ‘’elkaar opvolgende arbeidsovereenkomsten tussen een werknemer en verschillende werkgevers, die ten aanzien van de verrichte arbeid redelijkerwijze geacht moeten worden elkaars opvolger te zijn’’.

Het gaat voor de toepassing van dit lid om dezelfde of soortgelijke werkzaamheden voor opvolgende werkgevers, die niet juridisch dezelfde werkgevers zijn. Als u als inlener een uitzendkracht in dienst wil nemen, moet u zich dus bewust zijn van het opvolgend werkgeverschap.

Er zijn gezien het wetsartikel een aantal voorwaarden van toepassing, wil er sprake zijn van opvolgend werkgeverschap.
– Er moet sprake zijn van verschillende werkgevers;
– Het moet gaan om een nieuwe arbeidsovereenkomst met dezelfde of soortgelijke werkzaamheden;
– Het initiatief van de overgang van de ene werkgever naar de andere werkgever moet afkomen van de werkgever waar hij/zij in dienst is.

Er is derhalve geen sprake van opvolgend werkgeverschap als een werknemer geheel op eigen initiatief besluit om weg te gaan bij zijn werkgever.

SITUATIE OPVOLGEND WERKGEVERSCHAP

Bovengenoemde artikel geeft werkgevers minder ruimte dan voorheen om de arbeidsrelatie te gieten in de vorm van opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd. Immers na drie contracten en/of na verloop van tijd verandert de laatste arbeidsovereenkomst van rechtswege in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Dit geldt bij arbeidsovereenkomsten die de werknemer sluit met een andere werkgever die ten opzichte van de verrichte arbeid is te beschouwen als een opvolger van de vorige werkgever. Bijvoorbeeld loodgieter Fred die bij loodgietersbedrijf X in dienst is en uitgeleend is aan loodgietersbedrijf Y en vervolgens in dienst komt bij loodgietersbedrijf Y. In dat geval is loodgietersbedrijf Y dus opvolgend werkgever.

KETENREGELING

Bij seizoenswerk heeft u te maken met de ketenregeling. De ketenregeling houdt vanaf 1 juli 2015 in dat een tijdelijk contract nog tweemaal kan worden verlengd, maar de totale duur van de keten wordt beperkt tot 2 jaar.

Bovendien ontstaat pas een nieuwe keten bij een onderbreking van zes maanden. Het laatste contract wordt dus automatisch omgezet in een contract voor onbepaalde tijd indien:
1) Dat contract het vierde contract in de keten is of;
2) De totale duur van de tijdelijke contracten meer dan twee jaar bedraagt;
Deze ketenregeling geldt niet voor werknemers onder de 18 jaar die maximaal 12 uur werken en ook geldt deze niet bij BBL contracten.

VOORBEELDEN KETENREGELING

Stel dat Jan op 05 juli 2017 in dienst komt bij een administratiebureau en daar drie keer een bepaalde tijdscontract van een half jaar krijgt. Dan betekent dit dat Jan bij zijn vierde contract een onbepaalde tijds contract dient te ontvangen.

Stel dat Jan 05 januari 2019 een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd ontvangt voor zes maanden. Dan betekent dat dat automatisch van rechtswege een contract voor onbepaalde tijd is ontstaan.

Stel dat Jan op 5 januari 2019 uit dienst gaat en een half jaar gaat reizen naar Azië. Vervolgens keert hij terug bij het administratiebureau en  ontvangt hij opnieuw een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Dan is deze laatste overeenkomst niet van rechtswege een overeenkomst voor onbepaalde tijd, aangezien er een periode van zes maanden tussen zit.

CONCLUSIE

De ketenregeling bepaalt dat een werkgever maximaal drie contracten van bepaalde tijd kan aangaan binnen twee jaar met een werknemer. Bij een vierde contract of na verloop van twee jaar is er sprake van een dienstverband voor onbepaalde tijd. Het is dus opletten geblazen voor werkgevers en werknemers.

Mocht u naar aanleiding van deze blog nog vragen hebben over opvolgend werkgeverschap of wilt u advies hieromtrent, neem dan gerust contact met ons op en wij helpen u verder.

Privacy verklaring

Onderstaand treft u in het privacyreglement hoe wij omgaan met uw gegevens. Hierbij stellen wij zorgvuldigheid met betrekking tot uw persoonsgegevens voorop en houden wij ons aan de van toepassing zijnde wetgeving waaronder de AVG.

 

Privacyverklaring

Werkgever weigert vakantie toe te kennen

De skistokken en snowboards zijn nog niet in de kast opgeborgen en men is alweer een nieuwe vakantie aan het plannen, maar niet voordat er een vakantieaanvraag ter goedkeuring bij uw werkgever is ingediend.

Bij sommige bedrijven zorgt de vakantieaanvraag voor veel onrust en spanningen bij het personeel onderling, zeker wanneer de verdeling van de vakantiedagen onrechtvaardig lijkt te gaan. Het wordt echter nog spannender op het moment dat uw werkgever de vakantieaanvraag niet goedkeurt. In dit artikel gaan we in op de vraag of een werkgever een vakantieaanvraag zomaar mag weigeren.

WAT ZEGT DE WET OVER DE VAKANTIEAANVRAAG VAN EEN WERKNEMER?

Op grond van art. 7: 638 BW is een werkgever verplicht om zijn werknemers in de gelegenheid te stellen vakantie op te nemen. Een werknemer heeft in ieder geval recht op ten minste vier weken vakantie per jaar. Om de vakantie uren te bereken, hanteert u de volgende rekensom: vier keer het aantal uren dat u per week werkt.

Indien u volgens uw arbeidsovereenkomst of CAO meer vakantiedagen te besteden heeft dan de wettelijke vakantiedagen, worden dit ook wel ‘bovenwettelijke vakantiedagen’ genoemd.

Ook dient uw werkgever de vakantieaanvraag binnen twee weken goed te keuren, zodat u voldoende tijd heeft tot het treffen van voorbereidingen voor de vakantie.

In principe wordt de aanvang en het einde van de vakantie conform de wensen van een werknemer door uw werkgever vastgesteld, tenzij uw werkgever op grond van een zwaarwegend belang zich daartegen verzet. Indien er een zwaarwegend belang bestaat die zich tegen een vakantie verzet, dient uw werkgever dit binnen twee weken schriftelijk en goed gemotiveerd aan u kenbaar te maken. Doet uw werkgever dit niet, dan is de vakantie vastgesteld conform uw voorkeur van aanvang en einde van de vakantie.

WANNEER IS ER SPRAKE VAN EEN ZWAARWEGEND BELANG?

Een vakantieaanvraag mag door uw werkgever worden geweigerd, mits uw werkgever hier een gegronde reden voor heeft. Volgens de jurisprudentie dient er sprake te zijn van een ernstige verstoring en ontwrichting in de bedrijfsvoering op het moment dat de vakantieaanvraag van werknemer zou worden ingewilligd.

Dit zou bijvoorbeeld het geval zijn indien er nood aan de man is binnen het bedrijf vanwege drukte, er sprake is van een spoedopdracht of vanwege een zieke collega. Echter dient een werkgever dit altijd goed onderbouwd aan te tonen. Kan een werkgever niet onderbouwd aantonen dat er sprake is van een ernstige verstoring en ontwrichting in de bedrijfsvoering, dan is er geen sprake van een gegronde reden voor het weigeren van de vakantieaanvraag.

CONCLUSIE

Gezien de jurisprudentie kan er gesteld worden dat het belang van werknemer vaak prevaleert boven het belang en de reden van afwijzing van werkgever. De werknemer wordt op grond van de wet goed beschermd.

Een tip voor een werkgever zou zijn om vooraf de procedure omtrent de vakantieaanvraag goed vast te leggen middels een bepaling in het personeelshandboek. Hierbij is het van belang om duidelijk te omschrijven wat er onder gegronde redenen wordt verstaan en op welke grond(en) een vakantieaanvraag kan worden afgewezen.

Belangrijk om het personeelshandboek aan werknemers te verstrekken en hen hiervoor te laten tekenen, zodat u als werkgever zeker weet dat uw werkgevers deze bepaling omtrent de vakantieaanvraag hebben gelezen.

Het voornoemde betekent echter niet dat u zich niet dient te houden aan het wettelijk bepaalde in art. 7: 638 BW. Nog steeds dient een werkgever tijdig – uiterlijk binnen twee weken – de vakantieaanvraag te behandelen en deze eventueel goed gemotiveerd af te wijzen.

Mocht u naar aanleiding van deze blog nog vragen hebben over de vakantieaanvraag van een werknemer, danwel over het weigeren van een vakantieaanvraag door uw werkgever, neem dan gerust contact met ons op en wij helpen u verder.

Cameratoezicht door werkgevers

Regelmatig wordt ons de vraag gesteld hoe het zit met het filmen van werknemers, of te wel cameratoezicht door werkgevers. In dit artikel gaan we hier op in, aangezien dit niet altijd op een correcte wijze geschiedt.

Lees meer

Ontslag op staande voet

Begin dit jaar werd een vrouwelijke kantinemedewerker van Detailresult Productie Personeel (DRP) ontslagen op staande voet voor het stelen van een pakje Optimel. De vrouw was het hier niet mee eens en stapte naar de kantonrechter. Echter werd de vrouw door de kantonrechter in het ongelijk gesteld. Met deze beslissing werd haar ontslag op staande voet gerechtvaardigd.

Lees meer

Billijke vergoeding

Vanaf 1 juli 2015 bestaat de billijke vergoeding in het arbeidsrecht. Deze vergoeding bestaat naast de transitievergoeding. Daar de transitievergoeding vaak niet erg hoog uitvalt, wordt vaak gevraagd of er niet nog een andere hogere vergoeding is die kan worden toegekend. Overigens zien we in onderhandelingen met werkgevers dat we vaak veel hoger uitkomen dan de transitievergoeding.

Lees meer

Fictieve opzegtermijn: waar moet u opletten

In het arbeidsrecht kan zowel de werknemer als de werkgever de arbeidsovereenkomst opzeggen. Echter moet er bij voortijdige opzegging van de arbeidsovereenkomst rekening worden gehouden met de geldende (wettelijke) opzegtermijnen en de fictieve opzegtermijn. De wettelijke opzegtermijn voor de werkgever is afhankelijk van de duur van de arbeidsovereenkomst en is als volgt:

Lees meer

Beding nevenwerkzaamheden

In veel arbeidsovereenkomsten is door de werkgever een bepaling opgenomen, dat de werknemer geen betaalde of onbetaalde activiteiten mag verrichten zonder toestemming van de werkgever. Vaak wordt de vraag gesteld of een werknemer zich hieraan ook echt dient te houden, of dat het niet zo serieus genomen hoeft te worden. Het beding moet echter heel serieus worden genomen.

Lees meer

Proeftijd bij een arbeidsovereenkomst

Proeftijd: een proef of het bevalt of niet

Bij het aangaan van een arbeidsovereenkomst kunnen partijen een proeftijd aangaan. De naam zegt het al, er vindt een proef plaats. Tijdens deze periode kunnen beide partijen (werkgever als werknemer) bekijken of de arbeidsovereenkomst bevalt. Bevalt het, dan wordt de overeenkomst voortgezet. Bevalt het niet, dan kunnen beide partijen zonder opzegtermijn, dus per direct opzeggen.

Lees meer

Ontslag met wederzijds goedvinden

Een van de meest voorkomende manieren van ontslag, is ontslag met wederzijds goedvinden. Bij deze vorm van ontslag komen werkgever en werknemer samen overeen dat ze de arbeidsovereenkomst eindigen.

Lees meer